Search
  • Amandine

Digitaal ontkoppelen na de werkuren zorgt voor betere prestaties


Sociaal en digitaal lopen meer dan ooit in elkaar over, net zoals de lijn tussen werk en privé ook steeds vager wordt. In een maatschappij waar iedereen always-on is, is het belangrijk om mentaal en fysiek te deconnecteren tijdens pauzes en buiten de werkuren. Werknemers die hun werkgerelateerde tabbladen kunnen afsluiten - zowel op het scherm als in hun hoofd - ervaren minder stress, hebben meer energie en zijn meer gefocust.



Glijdende werkuren en tele- en thuiswerk zijn gegeerde criteria op de arbeidsmarkt. Meer tijds- en plaatsonafhankelijk werken zit al een tijdje in de lift, wat door het coronavirus (verplicht) in een stroomversnelling is gekomen. Ook al helt het nu extreem over naar thuiswerken, de voordelen hieraan verbonden blijven duidelijk zichtbaar. Er wordt geen tijd meer verloren door frustrerend woon-werkverkeer, werknemers kunnen zelf hun productieve uren inplannen en worden niet onverwacht afgeleid door een gezellige babbel met collega’s.


Die flexibiliteit heeft echter ook een grote valkuil, met name het tekort aan structuur dat kan zorgen voor een onduidelijke scheidingslijn tussen time on en time off. Als die twee uit balans zijn, leidt dit tot ongezonde stress. Met het werk altijd binnen handbereik, is het verleidelijk om de hele dag door in werkmodus te blijven. Ook de veelvuldigheid aan digitale communicatiekanalen zorgt ervoor dat elke binnenkomende mail of melding een herinnering is aan een oneindig onafgewerkte to-do lijst.


Met het werk altijd binnen handbereik, is het verleidelijk om de hele dag door in werkmodus te blijven

In onze stresscultuur wordt er flexibeler, sneller en harder gewerkt om de stapel weg te werken, met alle gevolgen van dien. Overwerken is vaak besmettelijk; als collega’s er een gewoonte van maken om na de uren nog verder te werken, zet dit andere collega’s ook aan om langer op (online) kantoor te blijven. Wie moeite heeft met het bewaken van die grens tussen werk en privé, kan daar op lange termijn gezondheidsproblemen van ondervinden. Werkstress en burn-out vormen een grote reden voor uitval van werknemers en die cijfers blijven maar stijgen. Cognitieve overbelasting door werkstress kan ook lichamelijke spanningsklachten zoals hoofdpijn, slapeloosheid en gespannenheid in de hand werken.


Wat kan je als werkgever doen?


Een concreet stappenplan om te deconnecteren, dat voor iedereen even goed werkt, bestaat niet. Net daarom is er nood aan maatwerk binnen organisaties, gefundeerd op de nieuwe wetgeving in België die het risico op burn-outs wil verminderen. Frankrijk kent sinds 2017 al le droit à la déconnexion waarmee ze haar werknemers het recht geeft om ten gepaste tijde te deconnecteren van het werk. Het verschil met de Belgische wetgeving schuilt in het verplichtende gegeven van een overleg tussen werkgever en werknemer omtrent deconnectie. Concreet zou zo’n overleg kunnen leiden tot duidelijke afspraken, zoals het niet meer beantwoorden van e-mails tussen bepaalde uren, het volledig loskoppelen van het werk tijdens vakanties en onbeschikbaar zijn voor niet-dringende werkgerelateerde zaken tijdens pauzes.


Overleg tussen werkgever en werknemer omtrent deconnectie is (nog) geen wettelijke verplichting maar wel ten zeerste aan te raden.

Als werkgever kan die nieuwe wetgeving dus best geïmplementeerd worden door te polsen naar pijnpunten die zich voordoen binnen de organisatie op vlak van deconnectie. De informatie die hier naar boven komt kan dan gebruikt worden om grenzen te stellen tussen werk en privé. Een bedrijfscultuur met duidelijke afspraken rond deconnectie zorgt ervoor dat werknemers voldoende ruimte krijgen om hun batterijen op te laden. Die gezonde balans tussen werk en vrije tijd heeft alleen maar positieve gevolgen. ‘Opgeladen’ werknemers leveren kwaliteitsvoller en duurzamer werk, hebben een betere focus, een hogere jobtevredenheid, zijn proactiever en hebben een lagere intentie tot verloop dan hun collega’s die bezig blijven met werkgerelateerde taken buiten de werkuren.


Wat kan je als werknemer doen?


Ook zonder structureel kader kunnen werknemers zelf een aantal regels in acht nemen om werkstress te vermijden. Een goede routine vormt de grootste basis om efficiënt van thuis uit te werken. Je aankleden alsof je fysiek naar het werk zou gaan en kiezen voor een vaste werkplek vormen twee grote schakels die kunnen helpen om die structuur te vinden. Zorg er ook voor dat medebewoners ingelicht zijn over wanneer je wel of niet gestoord kan worden.


Daarnaast zorgen kwaliteitsvolle pauzes er ook voor dat werkblokken duidelijker worden afgelijnd. Ook het beperken van stoorzenders die normaal niet aanwezig zijn op de werkvloer – zoals tv, radio of social media – zorgt ervoor dat je geconcentreerd blijft en je doelstellingen binnen de werkuren kan behalen. Eindig ten slotte je werkdag door alles wat met het werk te maken heeft af te sluiten (laptop, mailbox,…). Plus: versterk eventueel de deconnectie door telkens een leuke activiteit in te plannen vlak na jouw werkuren.



Altijd online bereikbaar zijn mag geen synoniem worden voor altijd online beschikbaar zijn. Zowel werkgever als werknemer moeten op de rem kunnen gaan staan om overspanning tegen te gaan. Deconnectie zorgt er dus voor dat die balans in evenwicht blijft en dat er een gezonde relatie met het werk in stand wordt gehouden.